· 

Loslaten in tijden van Corona

Ik staar al dagen naar mijn beeldscherm. In deze tijden van corona komt er niets uit mijn vingers. Overdag werk ik thuis en staar ik naar een ander beeldscherm, dat van mijn werklaptop. Ik facetime veelvuldig met collega’s. In huis verdelen we de werkplekken naar gelang we moeten bellen of videovergaderen of niet. Mijn niet al te ergonomisch verantwoorde werkplek levert pijn in mijn schouders op en een fikse hoofdpijn. De verbouwing bij de buren die ver over schema is en zorgt voor snerpend boorgeluid, schreeuwende bouwvakkers en bonkende radiomuziek, helpt niet echt. Ik moet aan de gang met mijn manuscript dat 28 november uitkomt bij Godijn Publishing: nadenken over lettertype en kaft, NUR-nummers zoeken. En ik kom geen steek verder.

 

Normaal gesproken helpt een rondje lopen door de wijk en het aanpalende groen. Wandelen maakt mijn hoofd leeg om onderweg plotsklaps een oplossing te vinden voor een plot dat niet loopt, een doorbraak te vinden hoe om te gaan met het probleem van de hoofdpersoon, een beschrijving van een scène te fantaseren in woorden die mooier zijn dan ik had geschreven. Wijkbewoners zullen soms raar opkijken van die murmelende vrouw die haar pas versnelt om ook thuis nog te weten wat ze heeft bedacht.

 

Vandaag de dag is lopen meer luchten geworden. Even eruit, weg van het volle huis, het lawaai van de verbouwing, de kille cijfers van alle besmettingen, ziekenhuisopnamen en doden, weg van het beeldscherm dat pijn doet aan mijn ogen. Het is intussen ook gewoon lente geworden. De vogels zingen boven het geluid van de snelweg uit, het zonnetje schijnt aan een felblauwe hemel, het geel van de narcissen breekt boven het groene gras en de in de winter zo dorre hun mouw.

 

Het is goed. Ook al komt er weinig uit mijn handen, Ik laat het los. En stop mijn neus genietend in het pas ontloken blad.

 

Reactie schrijven

Commentaren: 0